terug

 
In de keuken
het afdruiprek de vaatdoek de broodtrommel de koekenpan
de snijplank de fluitketel de pan de blikopener
 
de steelpan (de)het schort de afwasborstel de theedoek


nu uit het hoofd:


In de keuken
1 2 3 4
5 6 7 8
 
9 10 11 12

nu oefenen