De Pansfluit

 


Pansfluiten bestaan uit een serie buizen (elke buis is een fluit, gemaakt van bamboeriet).
Ze hebben verschillende lengtes, en zijn samengebonden tot een bundel. De pijpen van een pansfluit hebben geen mondstuk, je moet tegen de rand van een pijp blazen, om een toon te maken.
De naam van de pansfluit (ook wel syrinx genoemd), is afgeleid van de Griekse bosgod Pan die zo'n fluit bespeelde.
Pansfluiten zijn veelgebruikte volksinstrumenten in Latijns-Amerika, China, Zuid-Oost AziŽ, OceaniŽ, en Europa - in het bijzonder RoemeniŽ.

FAMILIE: Houten Blaasinstrumenten. 
NAAM BESPELER: (Pans)fluitist (e).
TOONOMVANG: Dit hangt af van het aantal pijpen.
MATERIAAL: Gewoonlijk gemaakt van bamboe, maar ook van hout, aardewerk en plastic.
GROOTTE: Variabel.
AFKOMST: Pansfluiten werden wereldwijd gebruikt sinds de prehistorie en zijn nog steeds populair, met name in Zuid-Amerika.
CLASSIFICATIE: Hij behoort tot de groep aŽrofonen (dit zijn instrumenten die geluid produceren door een luchtzuil in trilling te brengen).