Idiofonen/ slaginstrumenten (2)  

| indeling orkest | indeling instrumenten | blaasinstrumenten | snaarinstrumentenslaginstrumenten (1) |


Idiofonen zijn instrumenten waarbij de klank wordt voortgebracht door het materiaal waarvan het instrument zelf is gemaakt, zonder het gebruik van snaren of gespannen huid.
Ze worden ook wel zelfklinkers genoemd:  "idio" betekent zelf en "foné" betekent klank.

Het zijn dus instrumenten, die zijn gemaakt van materiaal dat van nature klankrijk is.
De ontwikkeling ervan is vele duizenden jaren geleden begonnen, toen de primitieve mens voor het eerst stokken, stenen en beenderen op elkaar sloeg om het ritme van zijn klappende handen en stampende voeten te versterken.
De belangstelling voor de verschillende geluiden en toonhoogten, die werden voortgebracht door voorwerpen van verschillende omvang en materialen, leidde tot de ontwikkelingen van instrumenten zoals de xylofoon en de gong.

Idiofonen worden gerangschikt volgens de manier waarop ze hun geluid voortbrengen. De meest voorkomende kun je hieronder vinden.

Meer informatie over deze slaginstrumenten vind je in de Wikipedia encyclopedie.

Stampende idiofonen: Instrumenten, waarbij het geluid wordt voortgebracht door op de grond of op een ander hard oppervlak te stampen: b.v. stokken en tapschoenen.
Geschudde idiofonen: Instrumenten waarbij het geluid wordt geproduceerd door schudden: b.v. rammelaars (maracas, shaker) , 
(kerk) klokken en (slede)bellen.
Gewreven idiofonen: Instrumenten waarbij het geluid wordt geproduceerd door wrijving: een vochtige vinger (langs een glasrand), een doek of een stuk touw, een stok of een strijkstok worden gebruikt om deze instrumenten te bespelen. De meest primitieve voorbeelden bestaan uit twee gelijke voorwerpen, die tegen elkaar worden gewreven (schelpen, beenderen, stenen en stokken).
De zingende zaag en met name de glasharmonica en de glastrombone zijn hier gecultiveerde voorbeelden van.
Concussie- idiofonen: Instrumenten die hun geluid voortbrengen als twee of meer gelijke delen tegen elkaar worden geslagen: b.v. bekkens, castagnetten en claves.
Geraspte idiofonen: Deze raspinstrumenten hebben een gekerfd of een geribbeld oppervlak en produceren een reeks van korte tikken als er een stok overheen wordt gehaald: b.v. de ratel, het wasbord en de quiro (een Zuid-Amerikaans raspinstrument). Je kunt natuurlijk ook de band van je multomap gebruiken als raspinstrument.
Percussie-idiofonen: Deze instrumenten worden ook wel aangeslagen idiofonen genoemd ("percussie" betekent slaan), waarbij het geluid wordt voortgebracht door er met een stok, staaf of klopper op te slaan: b.v. gong, gamelan, steel drum, xylofoon, marimba, metallofoon, klokkenspel, buisklokken, celesta, spleettrommen, woodblock, koebel, triangel en het bekken. Ook flessen of glazen gevuld met water horen bij deze groep.