De Hoorn

       


De hoorn is een koperen blaasinstrument waarvan de buis is opgerold in de vorm van een cirkel. De totale buislengte van het instrument is ongeveer 4 meter. Oorspronkelijk werd de hoorn gebruikt voor het geven van signalen. Zo'n signaalhoorn had geen ventielen. De hoorn die nu in het orkest gebruikt wordt heeft wl ventielen (bij de trompet vindt je meer informatie over het gebruik van ventielen)

Het instrument vervult een belangrijke rol in het symfonie-orkest. Hierin spelen vier tot zes hoornisten mee die zijn onderverdeeld in hoge en lage blazers.
De hoorn kwam voor het eerst in orkesten voor om het geluid van de jachthoorn te verklanken, maar komt nu voor in allerlei soorten muziek.
Het geluid wordt geproduceerd door het vibreren van de lippen van de speler tegen het trechtervormige mondstuk.
Door het indrukken of loslaten van ventielen, kun je op dit instrument verschillende tonen maken.
Deze ventielen zorgen ervoor dat de de buis van het instrument verkort (hogere tonen) of verlengd (lagere tonen) kan worden.
De klank van de hoorn kan enigszins gedempt worden door de hand in de beker te houden.


FAMILIE: Koperen blaasinstrumenten.
NAAM BESPELER: Hoornist(e) of hoornblazer.
TOONOMVANG: 3 1/2 oktaaf.
MATERIAAL: Koper
GROOTTE: Variabel, de totale buislengte zit tussen de 2,8 en 3,6 meter.
AFKOMST: De voorlopers van de moderne hoorn zijn de posthoorn en de jachthoorn. Dit zijn instrumenten zonder ventielen (natuurhoorns).
Hoorns waren in Europa bekend sedert de oudheid. Het eenvoudigste type werd gemaakt van de hoorn van een dier. Ze werden op grote schaal gebruikt voor signalen en rituelen. In de Middeleeuwen werden ze veel gebruikt bij de jacht en bij militaire activiteiten.
Vanaf de 18e eeuw werden ze gebruikt in orkesten en in de 19e eeuw kreeg de hoorn ventielen.
CLASSIFICATIE: Hij behoort tot de groep arofonen (dit zijn instrumenten die geluid produceren door een luchtzuil in trilling te brengen).