Chordofonen/ snaarinstrumenten

| indeling orkest | indeling instrumenten | blaasinstrumenten | slaginstrumenten |


Chordofonen zijn instrumenten, waarbij het geluid wordt geproduceerd door de trilling van een snaar: "chordo " betekent snaar en "foné" betekent klank.
Deze groep is beter bekend onder de naam: snaarinstrumenten.
Ze worden ingedeeld naar de wijze waarop de snaar in trilling wordt gebracht:

  • getokkeld
  • gestreken
  • aangeslagen

Er zijn 5 basistypen:

  1. bogen
  2. lieren
  3. harpen
  4. luiten
  5. citers

De oudste en eenvoudigste van deze instrumenten is de muziekboog die in Afrika en op het Amerikaanse continent nog regelmatig voorkomt. Harpen en lieren werden zo'n 5000 jaar geleden voor het eerst bespeeld in het Oude Egypte. Getokkelde luiten behoren tot de meest populaire van alle volksinstrumenten. De strijkstok werd voor het eerst in de 10e eeuw bij de luit toegepast, en uit deze eerste strijkluiten is de moderne vioolfamilie voortgekomen. Citers tref je aan in zeer veel verschillende stijlen.

Meer informatie over de snaarinstrumenten vind je in de Wikipedia encyclopedie.

Muziekbogen: Dit zijn de eenvoudigste van alle snaarinstrumenten en worden het meest in Afrika, Amerika en Azië gevonden. Ze hebben zich waarschijnlijk ontwikkeld uit de boog van de jager.
De eenvoudigste bogen bevatten een enkele snaar die aan beide uiteinden van een buigbare stok zijn bevestigd. De snaar kan tot trillen worden gebracht door het tokkelen met de vinger of met een plectrum, door het slaan met een stok of het strijken met een kleine boog. Een voorbeeld hiervan is de berimbau.
Lieren: De lier is een snaarinstrument met 4 zijden, dat bestaat uit een klankkast, twee armen en een dwarsbalk. De snaren zijn bevestigd op de voorkant van de klankkast en lopen over een kam naar de dwarsbalk.
Het instrument was in het Oude Egypte populair en het komt ook regelmatig voor op afbeeldingen uit de kunst van het Oude Griekenland. Lieren waren in Europa al in de middeleeuwen bekend, maar zijn later geheel van het toneel verdwenen. In Afrika worden lieren nog steeds gebruikt, meestal om het zingen tijdens religieuze festiviteiten en magische riten te begeleiden.
De snaren van een lier worden in trilling gebracht door het tokkelen met de vingers.
Harpen: De harp is een snaarinstrument, waarvan de snaren in schuine richting van de klankkast naar de hals van het instrument lopen.
Harpen waren reeds in 3000 v. Chr. bekend in Egypte. Ze hadden toen een wat andere vorm (boogharp).
De moderne harp is een vast lid van het symfonieorkest. Het toonbereik is het grootste van alle orkestinstrumenten. De belangstelling voor de harp als orkestinstrument werd in de 19e eeuw ontwikkeld.
De snaren van een harp worden in trilling gebracht door het tokkelen met de vingers.
Luiten: Alle luiten hebben een klankkast en een hals, en dragen snaren die lopen van dichtbij de onderkant van de klankkast langs de volle lengte naar de bovenkant van de hals.
Al deze instrumenten hebben dus een hals waarover de snaren gespannen worden. De toonhoogte wordt bepaald door de plek waar je de snaar indrukt. Er zijn veel verschillende instrumenten die bij deze groep horen, de belangrijkste verschillen zijn:
  • Grootte en vorm van de klankkast
  • Lengte van de hals
  • Aantal snaren
  • Wel of geen frets:

    Je hebt fretloze instrumenten (zoals de viool), waar je op elke plek de snaar kunt verkorten door je vinger erop te plaatsen.
    Maar je hebt ook gefrette instrumenten (zoals de gitaar). Hier is de hals d.m.v. frets (dit zijn dwars over de hals lopende metalen richels) verdeeld in vakjes. Op dit soort instrumenten moet je een snaar indrukken tussen de frets.

De snaren van deze groep instrumenten worden in trilling gebracht door het tokkelen met de vingers of met een plectrum (dit is een schijfje van kunststof, vroeger ivoor) of door het strijken met een strijkstok.

Citers: De citers vormen een groep van instrumenten waar de snaren horizontaal, over de gehele lengte van een klankbord gespannen zijn.
De snaren van deze groep instrumenten worden in trilling gebracht door het tokkelen met de vingers of met een plectrum (koto - Japan).
Ook kunnen de snaren aangeslagen worden met hamertjes (cymbalom - Hongarije).
Een aparte groep binnen de citers vormen de toetsinstrumenten.
Hiervan is het klavecimbel het grootste en belangrijkste toetsinstrument met getokkelde snaren. Door een toets in te drukken, tokkelt een kleine pen de snaar. Het heldere, zuivere geluid maakte van het clavecimbel een populair solo-instrument dat ook zeer geliefd was bij de componisten uit de 17e en 18e eeuw.
De piano is het meest populaire aangeslagen toetsinstrument. Door een toets in te drukken slaat een hamertje, met een vilten kop, tegen een snaar.