De Cello

     


  De violoncello, kortweg cello genoemd is eigenlijk een basviool in staande positie.
Het instrument is zo groot, dat het niet meer onder de kin gehouden kan worden: het wordt tussen de knieŽn geplaatst, waarbij een uitschuifbare staartpen op de grond rust. 
De cello wordt bespeeld met een strijkstok die korter is dan die van de viool. De klank is een octaaf  (8 tonen) lager dan de altviool.
In het symfonie-orkest speelt de cello een belangrijke rol. De ene keer wordt de baspartij gespeeld (samen met de contrabassen), een andere keer de melodie. 
De cello heeft vooral een begeleidende rol in het orkest. De cello heeft een wat weemoedige klank. 

Meer info: www.muziekindex.nl/p/frame/viool_cello.html

Plaatsing in het Symfonie orkest


De Cello

FAMILIE: Snaarstrumenten. De cello hoort bij de groep strijkinstrumenten.
NAAM BESPELER: Cellist(e).
TOONOMVANG: 3 1/2 octaaf.
MATERIAAL: Hout en snaren van metaal.
GROOTTE: De klankkast is 75 cm lang.
AFKOMST: De cello werd ontwikkeld in de 16e eeuw en vanaf dat moment gebruikt als basviool.
CLASSIFICATIE: Hij behoort tot de groep chordofonen (dit zijn instrumenten waarbij het geluid wordt voortgebracht door het in trilling brengen van snaren).