Inleiding Middeleeuwen Renaissance Barok Klassiek Romantiek XXste eeuw Test je kennis!

 
Algemeen
Vormen en genres
Stijlkenmerken
Oefenen
Quiz

 

Algemeen 

De term Barok is een achteraf gegeven negatieve benaming voor de periode 1600-1750. Na 1750 wordt de kunst uit de voorgaande periode overdadig en onnatuurlijk gevonden. De muziek vindt men harmonisch verward en melodisch ingewikkeld. Later, in de 19de eeuw, is men anders tegen de Barokmuziek aan gaan kijken en is de negatieve bijbetekenis van de term Barok niet meer van toepassing.  

 

De staat in de 17de eeuw is nog steeds een standenmaatschappij, waarbij koning (absolutisme) en adel de eerste stand zijn, de clerus (geestelijken) de tweede stand, burgers en boeren vormen de derde stand. Deze ordening is alleen door macht (leger) te handhaven, omdat de burgers in de steden door de opbloei van de wereldhandel in toenemende mate rijker en steeds beter opgeleid, dus mondiger worden.   

De groeiende welstand van de burgerij is één van de oorzaken van het tot bloei komen van een openbaar theater (toneel, opera) en concertleven in de steden, naast het al eeuwen bestaande muziekleven aan kerken en hoven.   

De Barok wordt gekenmerkt door een voorkeur voor pracht en praal, monumententale bouwwerken, met rijke, vaak zeer overdadige versieringen. In de muziek zien we dat bijvoorbeeld in de aankleding en uitvoeringspraktijk van de opera. De kunstenaar uit de Barok geeft wel uiting aan persoonlijke gevoelens en emoties, maar doet dat op een gestileerde manier volgens regels en conventies.

De wereld lijkt een theater met acteurs, ceremoniemeesters en muziek: pruiken, gekunstelde aanspreek- en omgangsvormen vooral aan de hoven, in de opera zijn castraten dé sterren.

Buste van Louis XIV-Gian Lorenzo Bernini (1598-1680). Lodewijk de XIV was de heersende macht in de 17e eeuw.  De absolute heersers lieten zich in de vorm van portretbustes vereeuwigen.

Ontvoering van de dochters van Leucippes - Peter Paul Rubens (1577-1640).

Instrumenten

Instrumentale ensembles worden zelfstandig. Ze zijn per partij solistisch of twee/drievoudig bezet en bestaan uit strijkers en/of blazers (hobo, fagot, fluiten, trompet). Er ontstaat een echte instrumentale muziek los van de vokale modellen. Componisten krijgen steeds meer oor voor de specifieke technische mogelijkheden van de instrumenten. Het orgel (geestelijke muziek) en clavecimbel (wereldlijke muziek) berei­ken in de Barok een hoogtepunt in hun ontwikkeling.  

De &quo 

Basso continuo

In ensemble muziek wordt de éénstemmig uitgeschre­ven baspartij vaak door een basinstrument en toetsinstrument (in accoorden)  gespeeld: basso continuo. De instrumenten zijn cello (even­tueel gamba of fagot) en clavecimbel. In de kerk wordt in plaats van het clavecim­bel het orgel gebruikt en in de meer intieme huismu­ziek de luit/gitaar. Het basso continuo is de begeleiding en erom heen worden alle mogelijke ensembles samengesteld.  

Naast één of meerdere melodie­stemmen wordt een basmelo­die gegeven met cijfers. De basmelodie wordt gespeeld door de linker­hand op clavecimbel/orgel of door gamba/cello/fagot, terwijl op basis van de cijfers het toetsinstrument in accoorden meespeelt. Vandaar ook de term becijferde bas naast basso continuo.  
Door de cijfers wordt o.a. aangegeven welke toon in de bas moet worden gespeeld: dat kan ook de terts of de kwint van het accoord zijn. 

Voorbeeld: voor aan de balk staat één mol gegeven en in de baspartij de  F. Afhankelijk van de cijfers die onder de F staan genoteerd moet een F-majeur accoord, een d-mineur accoord of een bes-majeur accoord worden gespeeld. De harmonische structuren van het basso continuo hebben mede geleid tot de reductie van de toonsoorten tot majeur-mineur en een steeds meer homofone, op harmonie gerichte compositietechniek.

Componisten:

Italië Monteverdi (1567-1643)
Vivaldi (1680-1743)
Nederland Jan Pietersz. Sweelinck (1562-1621)
Frankrijk Jean Baptiste Lully (1632-1687)
Jean Philippe Rameau (1683-1764)
Engeland Henri Purcell (1658-1759)
George Friedrch Händel (1685-1759)
Duitsland Johann Sebastian Bach (1685-1750)

Meer informatie over de Barok kun je vinden bij: