Werken met rubrics

Een rubric – helaas, weer een Engels woord in de Nederlandse taal – kun je omschrijven als een matrix die dient als richtsnoer voor transparante, gedetailleerde beoordeling. Een rubric met omschrijvingen in termen van vaardigheid en gedrag – itt leerstof – geeft een duidelijk en concreet houvast. Rubrics worden voor een veelheid van beoordelingen gebruikt: muziekuitvoeringen, showtuinen, gymnastiekuitvoeringen en ook taalvaardigheid.

Dit houvast wordt op prijs gesteld bij beoordelingen maar ik zet het ook graag in bij de voorbereiding van de toetsmomenten. Mijn studenten krijgen naast hun toetsopdracht, meestal een op de praktijk gerichte casus, de bijbehorende rubric meegeleverd, zodat ze er zelf mee kunnen kennismaken en oefenen. Onaangename verrassingen zijn hiermee niet uitgesloten (er komen er nog steeds onvoorbereid naar de toetsing, al zijn het weinig) maar de studenten zijn nu wel extra verantwoordelijk voor het gehele leerproces, niet alleen gericht op het product.

Ik werk sinds enige jaren met rubrics en ben daar heel tevreden over. Mijn studenten ook. Zij waarderen de duidelijkheid vooraf en achteraf. Een rubric leent zich namelijk heel goed voor gedetailleerde diagnose. In de voorbeelden is dat goed te zien: per deelvaardigheid of aandachtsgebied kun je aangeven hoe goed iemand gepresteerd heeft. Zodoende wordt ook duidelijk op welke deelgebieden iemand nog iets te leren heeft.

Daarmee wordt een rubric ook een instrument om zelfstandig leren, al dan niet in een schoolse situatie of bijvoorbeeld online (in een webquest), te bevorderen. De precieze indicatie van (gewenste) niveaus en criteria geven duidelijke doelen en structuur. De bijbehorende opdrachten winnen daardoor aan draagwijdte en zin. Voor zelfgeschreven opdrachten is geen kant-en-klare beoordeling beschikbaar. Een rubric kan dan naar twee kanten positief uitwerken:

Misschien wil je schrijfopdrachten maken met als mogelijk dan wel gewenst productniveau B1. Voor de taaltechnische kant kun je dan, gebaseerd op het Europees Raamwerk (Common European Framework of Reference), een aantal concrete criteria vastleggen en die op een puntenschaal of een woordenschaal (slecht – matig – redelijk – goed) waarderen. Hiermee heb je dan allereerst voor jezelf vastgesteld waar de opdracht toe moet kunnen leiden. Die opdracht wordt hiermee ook aanzienlijk doelgerichter. Dit betreft nu alleen de taaltechnische kant. Taal is echter communicatie en dus zul je wellicht ook doelen willen formuleren als: ‘de boodschap komt over’ of ‘zakenbriefconventies toegepast’. Vanzelfsprekend kunnen bestaande opdrachten ook op een dergelijke wijze meer competentiegericht getoetst worden. Zaken die moeilijk in de glijdende schaal van een rubric gepast kunnen worden (bijvoorbeeld: ‘absoluut geen Nederlands tijdens het gesprek’) voeg ik als randvoorwaarde toe.

Een rubric geeft met vanzelfsprekend gemak dan ook nog de gelegenheid om af te wijken van de traditionele tien-puntenschaal. Je kunt werken met woordbeoordeling, zoals ik boven aangegeven heb. Je kunt ook een vier-puntenschaal instellen of alleen maar met vinkjes aangeven of aan een bepaald criterium voldaan is. Zodoende kun je ook prettig werken in een diagnostische situatie gebaseerd op de Europese taalniveaus. Mijn studenten (vormgeving en techniek op MBO) hebben er geen moeite mee.

Een nadeel vinden sommige mensen de gedetailleerdheid die een kenmerk van rubrics is. Je zou kunnen stellen dat een competentie niet een optelsom van apart af te vinken deelgebiedjes is maar een holistisch samenhangend geheel van kennis, vaardigheden en attitude, dat ook als zodanig beoordeeld moet worden. Kan ik volgen en ik denk dat de kracht van rubrics ook vooral in het diagnostisch gebruik ligt. Mijn studenten vinden het vanzelfsprekend om een product een aantal malen in te leveren, te verbeteren en weer in te leveren. Het leerproces wordt zodoende ook helder. Ikzelf zie geen bezwaren tegen inzetten van rubrics bij eindbeoordelingen. Mijn studenten ook niet. Misschien komt iemand nog eens met een mooie oplossing voor een globalere vorm van toetsing die toch objectief en helder is. Dan zal ik daar ook graag gebruik van maken.

In de voorbeelden twee rubrics die ik bij opleidingen op ons ROC gebruik en eentje die ik vijf minuten in elkaar heb gezet met de klik-en-klare hulpmiddelen op Rubistar, een stek met ongelooflijk veel ideeën en practische tips (http://rubistar.4teachers.org/index.php). Ik ben benieuwd naar reacties.

Toon van der Ven
Koning Willem I College
Den Bosch
[email protected]

Bijlagen (wachtwoord nodig):
Engels Mondeling - Telephone conversation
Engels Mondeling - Telephone conversation (2)

Engels Schrijfvaardigheid - Letter Writing
(html-versie)
Engels Schrijfvaardigheid - Letter Writing
(excel-versie)