Oester
Crassostrea gigas
grootte:max. 20 cm.

De Japanse oester werd ge´mporteerd in Nederland door oesterkweekers toen de populatie van inheemse Zeeuwse oesters door de strenge winter van 1963 was gedecicaliseerd. Later heeft de Zeeuwse oester zich weer goed hersteld maar werd toen weer getroffen door een ziekte. Thans hebben de Japanse oesters de overhand. Dit is tevens te verklaren door het feit dat ze veel sneller groeien en ook sneller geslachtsrijp zijn.

De Japanse oester is te onderscheiden door de gegolfde rand van de schelp. Tussen deze rand zijn kleine witte, op scherpe tandjes lijkende, puntjes te zien. Ze zitten muurvast aan het harde substraat of als daar geen ruimte meer is aan elkaar.


De oesters zijn tweeslachtig, maar ze zijn niet in staat om zich zelf te bevruchten. De bevruchting vindt plaats binnen de schelp van de oester. De larven worden nadien door de oester uitgespuugd. Het larven stadium duurt ongeveer 30 dagen en in die tijd wordt de larfen door de stroming meegevoerd tot het tijd wordt om een plek te vinden om zich te vestigen. De oester moet wel het geluk hebben zich op een gunstige plaats vast te zetten, want als de oester zich eenmaal heeft vastgezet is dat voor het leven.

Verspreidingsgebied
Zeeland
Foto's & tekst
Email: Ron Offermans