Begrippenlijst
'Stedelijke Gebieden NL'

INDEX :

ABCDEFGHIJKLMNOPQRSTUVWXYZ

- A -

Aantrekkingsgebied

Gebied dat door z'n positieve kenmerken mensen en activiteiten aantrekt. Deze aantrekkings- of pull-factoren kunnen zijn, goede woonomgeving, goede werkgelegenheid, enz.

Achterland

Gebied landinwaarts, waar een bepaalde stad de goederenvervoer voor regelt. Het Ruhrgebied behoort tot het achterland van Rotterdam.

Afstotingsgebied

Gebied dat door z'n negatieve kenmerken mensen en activiteiten afstoot. Deze afstotings- of push-factoren kunnen zijn, milieu-overlast, te kort aan werk, kindonvriendelijke omgeving, enz.

Afzetgebied/markt

Ook wel de klanten. De mensen waar je je producten aan kunt verkopen. Ons land was rond 1850 klein, er woonden nog niet zo veel mensen. Het afzetgebied was dus klein.

A-gemeente

Een zogenaamde plattelandsgemeente, volgens een indeling in mate van verstedelijking.

Agglomeratie

Een grote stad met de daaraan vastgegroeide kernen. Deze dorpen zijn geheel aan de stad vastgegroeid. Oorzaak hiervoor is het uitschuiven van de stad.

Agglomeratie-effect

Het agglomeratie-effect houdt in dat het ene bedrijf een volgend bedrijf naar zich toetrekt wat op zijn beurt weer nieuwe bedrijven naar zich toe trekt. Daar komen mensen op af voor werk wat dan weer nieuwe bedrijven aantrekt omdat de afzetmarkt is vergroot. Ook wel sneeuwbaleffect.

Allochtone forenzen

Een allochtone forens is niet geboren in de plaats waar hij op dit moment woont, hij werkt daar ook niet, maar in een grote stad in de buurt.

Ambachtelijke productie

Bij de ambachtelijke productie van goederen gaat het om een zeer klein bedrijf, waar met spierkracht en eenvoudige hulpmiddelen wordt gewerkt.

Amorfe verstedelijking

Van amorfe verstedelijking is sprake als de uitgroei van een dorp tot een stad op chaotische wijze is verlopen. Er is niet volgens een bepaald plan gebouwd, maar alles door elkaar en naast elkaar. Vaak ontbreekt in zulke steden een echt stadscentrum.

Annexeren

Letterlijk een stuk gebied inpikken.

Autochtone forens

Een autochtone forens is geboren in de gemeente waar hij op dat moment woont, maar hij werkt in een andere stad in de buurt.

Automatisering

Het niet alleen mechanisch laten verlopen van het produktieproces, maar een deel van de controle hierover in handen geven van computers.

Terug naar de Index

- B -

Bandstad Twente

Een stedelijke zone in de provincie Overijssel waartoe de steden Enschede, Hengelo en Almelo behoren. De naam heeft te maken met het feit dat de steden samen een langgerekte vorm hebben.

Basisindustrie

Industrie die halffabrikaten maakt en daardoor aan de basis staat van een geheel productieproces. Voorbeelden zijn, de Hoogovens, olieraffinaderijen, enz.

Basisveen

Veenlaag die ontstaan is direkt na de laatste ijstijd. Het ligt aan de basis van de andere afzettingen die we in de Randstad vinden. Het ligt altijd op het pleistocene zand.

Bebouwingsdichtheid

Het gemiddeld aantal gebouwen per hectare of per vierkante kilometer.

Bedijking

Een soort polder, ontstaan doordat de mens een stuk zee dat hoog is opgeslibd, omgeeft door een dijk en er de waterstand gaat regelen. Grote delen van Groningen, Friesland, de Randstad en Zeeland zijn zo ontstaan.

Bedrijvenpark

Een geheel van bedrijven, dicht op elkaar, die een sterke relatie onderling hebben. Vaak gaat het om dezelfde type bedrijven, bijvoorbeeld high tech computerbedrijven.

Belangen

Redenen die mensen hebben om voor of tegen een bepaalde oplossing te kiezen.

Beleid

Het geheel van maatregelen die de overheid neemt om bepaalde problemen op te lossen, te verminderen of te voorkomen.

Bereikbaarheid

Hoe een bepaald gebied te bereiken is, hoe je er kunt komen. Bij winkels moeten de leveranciers goed kunnen komen, bij een kantoor de klant.

Bereikbaarheid

Hoe een bepaald gebied te bereiken is, hoe je er kunt komen. Bij winkels moet en de leveranciers goed kunnen komen, bij een kantoor de klant.

Beroepsbevolking

Iedereen die werkt of werk zoekt (voor meer dan 15 uur werk per maand) in de leeftijd van 15 tot 65 jaar.

Beroepsbevolking

Iedereen die werkt of werk zoekt (voor meer dan 15 uur werk per maand) in de leeftijd van 15 tot 65 jaar.

Bestemmingsplan

Plan dat door de gemeente wordt opgesteld voor een bepaald gedeelte van de stad. Hierin staat waar huizen komen, hoe de wegen lopen, waar de voorzieningen in de wijk moeten komen, enz.

Bevolkingsdichtheid

Bij bevolkingsdichtheid wordt gekeken of er veel of weinig mensen per vierkante kilometer wonen.

Bevolkingsopbouw

De samenstelling van de bevolking naar leeftijd of omvang of gezinsgrootte of geslacht of beroep.

Binnenstad

Het echte centrum van de stad. Meestal gaat het hier om de alleroudste delen van de stad. Het is meestal gebouwd voor het begin van de industriŽle revolutie, dus voor 1870.

Bloeitijd

Een periode dat het erg goed gaat. In de Randstad was dat de 1e helft van de 17e eeuw, daarom ook wel de Gouden Eeuw genoemd.

Blokdiagram

Figuur waarbij je een zijaanzicht en een boven- aanzicht van een gebied hebt.

Boezem

Een tijdelijke opslagplaats voor overtollig polderwater. Hiervoor werden ringvaarten, meren en afgedamde rivieren gebruikt.

Bouwrijp maken

Hierbij wordt een stuk grond voorbereid op de bouw. Dit betekent egaliseren, waar nodig heien, enz.

Bufferzone

Open gebied tussen twee stedelijke zones, dat als functie heeft te voorkomen dat deze twee gebieden aan elkaar vast groeien. Hier mogen dan geen huizen of bedrijven gebouwd worden. Het blijft landbouwgrond of natuur- of recreatiegebied.

Buitengebied

Het deel van de Randstad, dat ten noorden, oosten en zuiden van de stedelijke zones ligt. Hier liggen de groeikernen, behorend bij Amsterdam, Utrecht en Rotterdam.

Buitenplaats

Grote huizen buiten de stad waar rijke mensen woonden. Vaak werd de buitenplaats gebruikt als tweede huis. Ze leggen veel aan de Vecht, in de duinen en in enkele droogmakerijen.

Buurtwinkelcentrum

Klein aantal winkels in de buurt, meestal alleen voor de dagelijkse boodschappen.

Terug naar de Index

- C -

Calamiteit

Een plotselinge onverwachte gebeurtenis, bijvoorbeeld een ramp.

C-gemeente

Zogenaamde stedelijke gemeenten volgens de indeling naar mate van verstedelijking. Het zijn grote steden die alle kenmerken van stedelijke gebieden in zich hebben.

City

Het echte historische centrum van de stad.

City-vorming

Verschijnsel waarbij in het stadscentrum de woonfunctie afneemt, terwijl de tertiaire functie toeneemt. Waar eerst mensen woonden komen nu kantoren, warenhuizen en hotels. Ander woord hiervoor is uitschuiving.

Cokes

Steenkool waar door verhitting het gas uit is verwijderd. De cokes wordt gebruikt in hoogovens om in ovens verbrand te worden. Daar komt een grote hitte bij vrij waarmee ijzererts gesmolten kan worden.

Compacte Stad

Het gevolg van verdichtingsnieuwbouw, waarbij in een stad alle open plekken en oude bedrijfsterreinen worden volgebouwd om de stad weer aantrekkelijk te maken voor grotere groepen mensen. Met compacte stad wordt ook bedoeld de historische stad inclusief de daaromheen liggende 19e eeuwse wijken.

Compost

Afval verwerkt tot potgrond. Biologisch afval wordt door bacteriŽn omgezet in bruikbare aarde. Nadeel van deze wijze van afvalverwerking is, dat er veel ruimte voor nodig is. Het is echter wel zeer milieuvriendelijk.

Compromis

Overeenkomst tussen twee partijen waarbij vaak een oplossing is gekozen die tussen de eisen van de twee partijen inligt.

Concentratie

Opeenhoping van verschijnselen van dezelfde soort bijvoorbeeld van mensen, bedrijven of gebouwen. Dit verschijnsel vond plaats in Nederland tijdens het urbanisatieproces.

Confectieindustrie

De confectie-industrie is een vorm van textielindustrie, dat kleding maakt in massaproductie. Hierbij zijn grote aantallen werknemers nodig, de bedrijfstak werkt arbeidsintensief. Deze bedrijven hebben zich daarom meestal in de lage-lonenlanden gevestigd.

Congestieverschijnselen

Congestieverschijnselen zijn problemen die zijn ontstaan door te grote concentratie van mensen, bedrijven en infrastructuur. Er ontstaat dan bijvoor- beeld een tekort aan woningen, een te veel aan verkeer (files) of een tekort aan arbeidskrachten.

Cope-ontginning

Ontginning van een gebied met een contract, men kreeg toestemming van een landheer om een bepaald gebied te ontginnen. Zo'n contract heet cope.

Culturele minderheden

Tot de culturele minderheden worden gerekend de kleine groepen mensen in een bevolking met een duidelijk afwijkende cultuur.

Terug naar de Index

- D -

Dammen

Door de zeespiegelstijging en het dalen van het land dreigden soms rivieren de verkeerde kant op te gaan stromen. Ze werden dan afgedamd. Vaak ontstonden bij deze dammen steden. Denk maar aan Zaandam, Amsterdam en Schiedam.

Dienstensector

Ook wel tertiaire sector. Het geheel van de beroepsbevolking dat niet gerekend wordt tot de landbouw, mijnbouw en industrie. Hiertoe behoort de handel, vervoer, horeca, medische oorzieningen, middenstand, onderwijs, enzovoorts.

Distributiecentrum

Dienstverlenend bedrijf dat zich heeft gespecialiseerd in het voor andere doorvoeren van goederen. Hierbij kan worden gebruik gemaakt van de trein, de vrachtwagen, het schip en het vliegtuig.

Doorvoerhaven

Een doorvoerhaven vervoert de met zeeschepen aangevoerde goederen in kleinere schepen verder het binnenland in. Rotterdam is doorvoerhaven voor Nederland en het Ruhrgebied.

Dorpsvorm

De vorm die een dorp heeft aangenomen. Bij een esdorp liggen de huizen in een cirkel rond de brink. De veendorpen liggen als uitgestrekte linten langs een weg. De vorm is dus langgerekt.

Draagkracht

De stevigheid van de bodem. Veen en klei hebben een kleine draagkracht, zand een grote. Huizen die gebouwd worden op zandgrond behoeven niet te worden onderheid. Er bestaat ook iets als financiČle draagkracht, hoeveel geld iemand om iets te kunnen betalen.

Draagvlak

Het aantal mensen dat in de buurt woont waar een bepaalde voorziening is gevestigd. Neemt het aantal inwoners in de wijk af, dan kan het gebeuren dat een school, bibliotheek of winkel gesloten moet worden.

Drempelwaarde

Het minimum aantal klanten dat een winkel nodig heeft om te kunnen blijven voortbestaan. Voor een school is dat het aantal leerlingen en voor een bibliotheek het aantal leden.

Droogmakerij

Drooggegemalen meer. De polder wordt meestal omgeven door een ringvaart, die achter de dijk ligt, en waar het overtollige water uit de droogmakerij in gemalen wordt.

Terug naar de Index

- E -

Economisch sneeuwbaleffect

Zie sneeuwbaleffect.

Economische diensten

Deel van de dienstensector dat er op is gericht winst te maken. Voorbeelden zijn handel, horeca, ingenieursbureaus, banken en verzekeringen.

Economische driehoek

Gebied in West Europa waar enkele zeer belangrijke industriŽle gebieden liggen. De punten van de driehoek worden gevormd door Londen, Parijs en het Ruhrgebied. De Randstad ligt centraal binnen deze driehoek.

Eemien

Tussenijstijd. Periode van 130.000 tot 90.000 jaar geleden. In deze periode steeg de temperatuur in Nederland en ontstond er op grote schaal veen.

Egalisatie

Letterlijk gladstrijken. Iets wat onregelmatig is gelijk maken.

elitetoerisme

1. Een kleine groep rijke toeristen die naar gebieden gaat waar nog bijna niemand geweest is. 2. Toerisme voor een kleine groep mensen met een hoog inkomen in gebieden met veel dure voorzieningen.

Etnische samenstelling

De etnische samenstelling van de bevolking houdt in de bevolkingsopbouw van een gebied waarbij vooral gelet wordt op de herkomst van de verschillende bevolkingsgroepen.

Terug naar de Index

- F -

Forensisme

Mensen gaan buiten de stad wonen, maar blijven wel in de stad werken. Hierdoor moeten ze elke dag op en neer gaan reizen. Aan het begin van deze eeuw ging men vooral langs de spoorlijn wonen, na de jaren '60 wordt men door de auto veel mobieler.

Forenzengemeente

Een gemeente waarvan een groot deel van de beroepsbevolking buiten de eigen gemeente werkt, meestal in stedelijke gemeenten in de buurt.

Fusie

Het geheel samengaan van twee bedrijven. De twee bedrijven verdwijnen en vormen een nieuw bedrijf met vaak een nieuwe naam.

Terug naar de Index

- G -

Galerijflats

Type flat dat tot 17 verdiepingen telt. Het kent de lift, dit in tegenstelling tot de portiekflat. Ze werden vooral in de jaren '60 gebouwd. Tegenwoordig willen veel mensen er vaak niet meer in wonen.

Gastarbeiders

Minderheidsgroep in Nederland, naar ons land gekomen vanaf de jaren '60 om het tekort aan arbeidskrachten in die tijd op te vullen. Eerste kwamen ze vooral uit Spanje en ItaliŽ, in later jaren vooral uit Marokko en Turkije.

Geboortenoverschot

In een land is een geboortenoverschot als er op een bepaald moment meer mensen worden geboren als er sterven. De bevolking groeit dan, mits het migratiesaldo hier geen negatief effect op heeft.

Gebundelde deconcentratie

De gebundelde deconcentratie houdt in dat de overheid mensen wel toestaat uit de grote steden te verhuizen, maar dan naar de door de overheid aangewezen groeikernen. Dit om te voorkomen dat anders het Groene Hart helemaal wordt volgebouwd. Dit beleid kennen we vanaf 1974. In 1990 is de overheid grotendeels gestopt met deze maatregelen. In 1992 zijn echter nieuwe maatregelen genomen om het Groene Hart te behoeden voor volbouwen.

Geestgronden

Afgegraven oude duinen, nu in gebruik voor de bloembollenteelt.

Geldbelegging

Het omzetten van je verdiensten in huizen of land. Je liet een meer droogmalen en verpachtte vervolgens het nieuw gewonnen land aan de boeren

Geleide loonpolitiek

De geleide loonpolitiek na de Tweede Wereldoorlog hield in dat de overheid bepaalde dat de lonen en productiekosten laag moesten blijven. Doel was de Nederlandse economie zo snel mogelijk weer op te bouwen.

Geologische doorsnede

Bij een geologische doorsnede wordt een gebied 'opengesneden` en zijn de verschillende lagen van de ondergrond goed te bekijken.

Glaciale afzetting

Glaciale afzettingen zijn afzettingen van het landijs. Bijvoorbeeld keileem, zwerfkeien, zand.

Gouden Eeuw

Periode dat het erg goed ging met de Randstad. (Toen nog liggend in het onder Spanje vallende 'Nederlanden'). Ruwweg beslaat het de 1e helft van de 17e eeuw. Na 1672 was het definitief afgelopen met deze bloeitijd.

Groeisector

Bedrijfstak dat is staat is om een agglomeratie-effect aan te zwengelen. Het is een groot bedrijf dat veel nieuwe bedrijven aantrekt, waardan weer nieuwe bedrijven op af komen, enz. Als het om industrie gaat wordt dit een groei-industrie genoemd.

Groeistad

Een centraal gelegen stad buiten de Randstad die mensen en bedrijven moet aan trekken. Deze steden zijn aangewezen in de 4e NOTA voor de Ruimtelijke Ordening. Voorbeelden Groningen, Zwolle, Amersfoort, Arnhem-Nijmegen, Breda.

Groene Hart

Een groen gebied met voornamelijk veeteelt, midden tussen de stedelijke zones van de Randstad. Dit gebied blijft als functie landbouw en recreatie houden en moet voorkomen dat alle steden in dit gebied aan elkaar groeien. In 1992 zijn hier nieuwe maatregelen voor genomen.

Groene Long

Gebied dat een belangrijke functie vlakbij steden vervult op het gebied van de recreatie. Hier kunnen de stedelingen een 'frisse neus' halen.

Groothandel

De handel tussen de producent en de detailhandel. Het gaat om de verkoop van goederen in grote aantallen en hoeveelheden.

Terug naar de Index

- H -

Haarlemmermeer

Grote droogmakerij nabij Amsterdam. Drooggemalen in 1852 met behulp van drie stoomgemalen.

Halffabrikaat

Produkt dat is gemaakt door een basisindustrie. Het is nog niet af, maar dient als grondstof voor een vervolgindustrie die er een eindproduct van maakt.

Halfwegzone

Ook wel het economische uitstralingsgebied van de Randstad genoemd. Het is een gebied buiten de Randstad waar bedrijven en mensen zich graag vestigen. Het is een strook die begint bij Vlissingen in Zeeland en via Noord-Brabant en Arnhem en Nijmegen loopt tot aan Zwolle.

Havenslib

Afzettingen van klei, vermengd met vervuiling dat zich in de havens ophoopt. Het moet verwijderd worden om te voorkomen dat de havens dichtslibben.

Herstructurering

Het beleid waarbij men de economische structuur van een gebied wil omvormen. Het gaat dan altijd om gebieden waar het economische slecht gaat. In het verleden ging het om gebieden als Zuid Limburg (sluiting kolenmijnen), Twente (sluiting textielindustrie), Helmond (sluiting van diverse traditionele bedrijfstakken). Zo'n gebied wordt een herstructureringsgebied genoemd.

Hollandveen

Veen ontstaan achter de oude duinen in een moerassig gebied. Het ligt meestal op de oude mariene afzettingen. Veel van het Hollandveen is nu afgegraven.

Holoceen

Onderdeel van de periode het Kwartair. Het bestrijkt de periode van 10.000 jaar geleden tot nu. In deze periode is laag Nederland (o.a. de Randstad) gevormd.

Hoog Catharijne

Groot en compact kantorencomplex bij het centraal station in Utrecht. Onder de kantoren bevindt zich een groot overdekt winkelcentrum.

Hoogbouw

Manier van bouwen waarbij men in meerdere bouwlagen op elkaar woont. Voorbeelden hiervan zijn de portiekflat en de galerijflat.

Hoogovenslakken

Afval uit Hoogovens, dat over blijft na het uit het erts halen van ijzer. Het wordt van de 'pot` met vloeibare ijzer afgeschraapt.

Terug naar de Index

- I -

Immigranten

Mensen die zich vanuit andere landen in ons land gevestigd hebben.

Indexcijfer

In een tabel met indexcijfers wordt gekeken vanuit een bepaald jaar. Alle waarden worden dan op 100 gesteld. Daarna wordt gekeken hoeveel de onderzochte onderwerpen de jaren erna van die 100 afwijken. Meer dan 100 betekent dan stijgingen minder dan 100 een daling.

Industriehaven

Haven waar niet alleen goederen worden aan- en afgevoerd, maar waar de goederen ook in industriecomplexen worden verwerkt tot halffabrikaten of eindproducten.

IndustriŽle revolutie

Dit is de snelle verandering in het economische leven, waarbij men overging van het handmatig naar het machinaal produceren van goederen. Nederland liep hierbij wat achter. Voor ons begon deze periode rond 1870.

Industrieterrein

Apart ingericht gebied, meestal net buiten de bebouwde kom, bedoeld voor de industrie en de groothandel.

Infrastructuur

Dit bestaat uit A. De in een gebied aanwezige verbindingen (water)wegen, leidingen voor aardgas, olie, water, electriciteit, telefoon, enz. en de in het gebied aanwezige industrieterreinen. B. Het geheel van openbare voorzieningen in een stad of streek die het functioneren van alle activiteiten mogelijk maken.

Initiatief

Iemand die het initiatief neemt begint met iets, waarna anderen volgen. Rond 1850 waren er in Nederland weinig ondernemers die stoommachines in hun bedrijven durfden te plaatsen. Niemand nam het initiatief.

Inklinking

Het inzakken van het veen onder invloed van twee oorzaken 1. oxydatie, als veen wordt ontwaterd, verteren de planteresten onder invloed van de zuurstof die er dan bij kan komen. 2.inzakken, als het water uit het veen verdwijnt, zakt het veen in.

Inkomensselectie

Uit een oude stadswijk vertrekken vaak die mensen die een wat hoger inkomen hebben. In die oudere wijken blijven dan mensen met een lager inkomen over. Voor de gemeente kan dit betekenen dat ze minder inkomsten krijgen.

Innovatie

Het vernieuwen van productiemethodes. Er wordt steeds moderner, met steeds meer machines en geautomatiseerd gewerkt.

Inrichtingsbeleid

Het geheel van maatregelen en plannen van de overheid om de inrichting van een gebied te verbeteren met het oog op de toekomst. Hierbij kan bijv. de infrastructuur worden verbeterd.

Inspraak

Het mogen meepraten bij het nemen van beslissingen van de overheid. Dit kan op bepaalde avonden als een bepaald plan wordt gepresenteerd, men kan ook een schriftelijk bezwaarschrift indienen.

Internationalisering

Van internationalisering is sprake als men een steeds grotere oriŽntatie op het buitenland krijgt. Als men meer met het buitenland gaat handelen, krijgt men vanuit dat buitenland ook steeds meer concurrentie.

IPR Investeringsregeling

Een door de overheid ingestelde regeling waarbij bedrijven die zich vestigden in gebieden met een hoge werkloosheid extra geld of voordelen kregen. Deze gebieden zijn buiten de Randstad te vinden. Hoe groter de problemen in een gebied hoe hoger hier de uitgekeerde premie was.

Terug naar de Index

- J -

Jonge duinen

Huidige duinen, ontstaan vanaf het jaar 1000. De jonge duinen zijn veel hoger dan de oude duinen. Ze spelen een belangrijke rol bij de bescherming van Laag-Nederland tegen de zee.

Terug naar de Index

- K -

Kavelvorm

De vorm die de landerijen of stukken weiland hebben. Dat kan langwerpig zijn, vierkant, enz. In de Hollandse veengebieden is ze langwerpig.

Kerngebied

Een gebied dat binnen een land economisch en financieel gezien erg belangrijk is. In Nederland is de Randstad zo'n kerngebied.

Kernstad

Een centraal gelegen stad in een verstedelijkt gebied met omvangrijke voorzieningen en werkgelegenheid. Vaak ligt zo'n stad in het centrum van een stadsgewest.

Krimp

Het tegenovergestelde van groei. Hierdoor kan het omgekeerde van een sneeuwbaleffect ontstaan in een gebied waar bedrijven en mensen gaan wegtrekken.

Kunstvezels

Een niet natuurlijke draadsoort, bijvoorbeeld nylon. Deze is gemaakt van de grondstof aardolie. Wel natuurlijke vezels zijn afkomstig van vlas, het schaap (wol) en de katoenplant.

Kwartair

Periode van 2.500.000 jaar geleden tot nu. Het is onder te verdelen in het Pleistoceen en het Holoceen.

kwelders

Kleigebieden aan de rand van de Waddenzee, die bijna nooit meer onder water staan en die daardoor begroeid zijn.

Kwelwater

Water dat onder de dijk door terug de polder in loopt. Polders met zand aan het oppervlak hebben veel last van dit kwelwater.

Terug naar de Index

- L -

Lage-lonenlanden

Landen, vooral liggend in de derde wereld, waar de lonen die aan arbeiders wordt uitbetaald veel lager liggen dan in Nederland gebruikelijk is. Hierdoor zijn met name arbeidsintensieve bedrijfstakken als de textielindustrie nagenoeg uit Nederland verdwenen.

Leeftijdsselectie

Bij de suburbanisatie (trek van de mensen uit de stad) vertrekken juist jongere mensen met hun kinderen. Ouderen en studenten blijven er juist. Bepaalde wijken worden zo op leeftijd uitgeselecteerd.

Locatiefactor

Ook wel vestigingsplaatsfactoren. Het zijn redenen voor bedrijven (of mensen) om zich ergens te vestigen. Dat kan zijn de aanwezigheid van grondstoffen, energie, arbeidskrachten of een afzetmarkt. Voor mensen is een prettige woonomgeving belangrijk.

Terug naar de Index

- M -

Maasvlakte

In de zee gewonnen gebied ten westen van de Europoort. Hier kunnen de grootste mammoettankers aanleggen. Het is de nieuwste havenuitbreiding in het Rotterdamse havengebied. In 1991 is besloten de Maasvlakte nog verder te gaan uitbreiden.

Maatschappelijke diensten

Maatschappelijke diensten zijn er niet op gericht om winst te maken. Ze zijn er voor het belang van de mensen. Voorbeelden zijn onderwijs, gezondheidszorg, welzijnswerk, musea, sportvoorzieningen.

Mainport

Engelse term waarmee een belangrijke (lucht)haven wordt aangegeven. Het is een hoofdstation en zorgt voor de verdeling van personen en goederen naar andere (lucht)havens in de wereld. Een mainport levert veel werkgelegenheid op.

Manufactuur

Een groot bedrijf waar meerdere mensen werken. In dit bedrijf wordt alleen spierkracht gebruikten dus geen machines.

Mariene afzetting

Mariene afzetting zijn afzettingen door de zee zand en klei.

Massagoederen

Goederen die in grote hoeveelheden los in een schip of trein worden vervoerd. Voorbeelden hiervan zijn graan en ertsen.

massatoerisme

1. Een grote groep toeristen die in dezelfde maanden naar de dezelfde bestemmingen gaat. 2. De grote drukte van toeristen in vakantiegebieden.

Mechanisatie

Het vervangen van arbeidskracht door machines.

Mensjaar

De hoeveelheid werk die een persoon in een jaar kan verzetten in een bepaalde bedrijfstak.

Mentale verstedelijking

Van mentale verstedelijking is sprake als een plattelandsgebied de normen en de waarden van de grote stad overnemen.

Middengebied

Het deel van de Randstad, dat geheel tussen de stedelijke zones ligt ingeklemd. We noemen dit gebied ook wel het Groene Hart.

Migratiesaldo

Het verschil tussen het aantal mensen dat een plaats of een gebied verlaat en het aantal dat er naar toe verhuist.

Minderheden

Kleine groep in een samenleving, die andere gewoontes en een andere cultuur hebben. In Nederland gaat het om gastarbeiders en andere groepen allochtonen. Bijvoorbeeld Surinamers, Antillianen, Molukkers, Turken, Marokkanen, enz.

Mobiliteit

Het verplaatsen van personen, goederen en berichten in een gebied. Het is sterk afhankelijk van de welvaart en de verkeersmiddelen, bijv. de auto. Voorbeelden zijn forensisme, reizen en het bezoeken van een stad of pretpark.

Molengang

Een aantal molens op een rij, die er gezamenlijk voor zorgen dat een bepaald deel van een diepgelegen polder werd drooggemalen.

Terug naar de Index

- N -

N.A.P.

Normaal Amsterdams Peil. Een denkbeeldig vlak in Nederland. Het ligt precies even hoog als de gemiddelde zomervloedstand van het IJ bij Amsterdam toen dit nog open water was. Het 0-punt van het NAP bevindt zich in de Stopera in Amsterdam.

Nationaal Inkomen

De waarde van alle goederen en diensten die door de hele bevolking van een land in een jaar worden geproduceerd. Ook wel BNP genoemd.

Nationaal verzorgende dienstverlening

Hiervan is sprake als een bedrijf klanten krijgt uit het hele land. Voorbeelden hiervan zijn de zeer grote ziekenhuizen, Schiphol, de RAI in Amsterdam en de Jaarbeurs in Utrecht.

Natuurlijke Aanwas

De uitkomst van het geboortencijfer min het sterftecijfer in een bepaald gebied.

Natuurlijke Groei

Zie natuurlijke aanwas.

Negentiende Eeuw

De 19e eeuwse wijken zijn stadsuitbreidingen die buiten de in de middeleeuwen ontstane stadswallen werden gerealiseerd. Ze werden aangelegd tussen 1850 en de WO I. Het waren arbeiderswijken met een grote woningdichtheid en lagen vaak dicht bij de toenmalige industrie- en haventerreinen.

Nieuwe Waterweg

Waterverbinding van Rotterdam naar de zee. Gegraven in 1870 om Rotterdam beter toegankelijk te maken voor zeeschepen. Het is een open verbinding, er liggen dus geen sluizen, maar wel een beweegbare waterkering.

Noordvleugel

De Randstad bestaat uit twee stedelijke zones. De Noord- en de Zuidvleugel. Tot de Noordvleugel behoren o.a. Haarlem, Amsterdam en Utrecht.

Noordzeekanaal

Kanaal tussen Amsterdam en de Noordzee. Het is geen open zeeverbinding, want bij IJmuiden liggen sluizen. Gegraven in 1876.

Nota

Een beleidsstuk van de rijksoverheid waarin in ruime zin de richtlijnen voor ruimtelijke ordening in zijn vermeld. De provincies en gemeentes moeten 100% rekening houden met deze algemene richtlijnen over een bepaald onderwerp.

Terug naar de Index

- O -

Oliecrisis

In 1971 ontstonden er door politieke oorzaken tekorten aan aardolie in de westerse landen. In de jaren erna stortte de economie in elkaar en begon de werkloosheid sterk te stijgen.

Ontginning

Het gereed maken van een gebied voor landbouwgebruik. Hier betekent het het afgraven van het veen en zorgen voor een goede waterbeheersing.

Oppervlaktewater

Alle water dat aanwezig is in sloten, rivieren, kanalen en meren.

Order op de Buitennering

In de Order op de Buitennering werd bepaald dat het verboden was voor bedrijven om zich buiten de stadsmuren te vestigen. Men wilde deze activiteiten in de steden concentreren.

Oude duinen

Strandwal, ontstaan rond 5000 jaar geleden. Deze duinen waren ongeveer 4 tot 5 meter hoog. Tegenwoordig liggen deze duinen meer landinwaarts, achter de jonge duinen. De meeste oude duinen zijn afgegraven. Het gebied wordt nu gebruikt voor de bloembollenteelt.

Oude mariene afzettingen

Oude zeeklei. Neergelegd door de zee boven op het basisveen.

Oud-IndiŽgasten

Nederlanders die een groot deel van hun leven in het voormalige Nederlands IndiŽ een carriťre hebben gemaakt en bij terugkomst in Nederland een groot landhuis voor zich lieten bouwen.

Overslaghaven

Haven die zich erop heeft toegelegd de met de zeeschepen aangevoerde goederen 'over te slaan' in kleinere binnenvaartschepen. Ook kunnen de goederen tijdelijk worden opgeslagen om later verder te worden vervoerd. De haven wordt zo een doorvoerhaven.

Terug naar de Index

- P -

Pendelen

Een vorm van forensisme waarbij men iedere dag de grens passeert. Men werkt in een plaats in het buitenland, maar men is blijven wonen in het moederland.

Perifere zone

Gebied dat op grotere afstand ligt van een kerngebied en dat economische en financieel gezien minder belangrijk is.

PKB

Een Planologische Kern Beslissing, een PKB, is een procedure waarbij iedereen zijn of haar mening mag geven over belangrijke plannen (nota's) van de regering.

Planologie

Ook wel ruimtelijke ordening. Het maken van plannen voor de inrichting van een gebied. De regering maakt nota's voor heel Nederland. De provincie maakt streekplannen een gebied. De gemeente maakt structuurplannen en bestemmingsplannen, bedoeld voor een deel van de gemeente.

Planologische Kernbeslissing

Een Planologische Kern Beslissing, een PKB, is een procedure waarbij iedereen zijn of haar mening mag geven over belangrijke plannen (nota's) van de regering.

Pleistoceen

Onderdeel van de periode het Kwartair. Van 200.000 tot 10.000 jaar geleden. In deze periode hebben we in Nederland te maken gehad met enkele ijstijden.

Polder

Een gebied, omgeven door een dijk, waar de mens de waterstand regelt.

Polycentrische stad

Een polycentrische stad is een stad die is opgebouwd uit meerdere centra. Voorbeelden hiervan zijn de Randstad en het Ruhrgebied. Centra in de Randstad zijn Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag.

Poort van Europa

Bijnaam voor het Rotterdamse havengebied omdat via Rotterdam een groot deel van West-Europa van goederen wordt voorzien. Rotterdam is dan ook een doorvoerhaven.

Portiekflats

Type flat dat vooral in de jaren '50 werd gebouwd. Het gaat om flats tot zo'n vier bouwlagen waarin je een trappenhuis vindt om boven te komen.

Pre-industriŽle periode

De pre-industriŽle periode is de periode voordat de industrie in Nederland sterk komt opzetten. Ruwweg is dat de periode van 1500 tot 1870.

Primaire sector

Sector van de beroepsbevolking. Letterlijk eerste sector. Hiertoe behoren de landbouw en de mijnbouw.

Prins Alexanderpolder

Grote droogmakerij nabij Rotterdam. Drooggemalen in 1874 met behulp van stoom gemalen. In deze polder ligt nu een grote wijk van Rotterdam. De polder ligt zeer diep.

pro

Voor iets zijn.

Produktiekosten

Kosten die gemaakt moeten worden om een bepaald produkt te produceren. Hiertoe behoren gebouwen onderhouden en huren, salarissen betalen, reiskosten, het maken van het produkt, enz.

Terug naar de Index

- Q -

Terug naar de Index

- R -

Randgebied

Strook binnen de Randstad dat een overgang vormt tussen de stedenring en het middengebied (Groene Hart). Hier vinden we veel nieuwbouw wat betreft woningen en industrie.

Randstad

De naam Randstad is voor de 2e wereldoorlog bedacht door de heer Plesman, oprichter van de KLM. Toen hij boven West Nederland vloog, zag hij beneden zich een groot open gebied met weilanden en akkers. De steden lagen allemaal aan de rand van dat open gebied.

Randstedeling

Inwoner van de Randstad. Men voelt zich echter eerder Rotterdammer, Amsterdammer of Utrechter. De 'echte` Randstedeling bestaat dus niet.

Recreatie

Alle activiteiten die in de vrije tijd plaatsvinden en ontspanning als doel hebben.

Regio

Een bepaald gebied, waarvan de grenzen meestal niet samenvallen met een bestuurlijke grens, zoals die van een gemeente of provincie. Een regio kan grensoverschrijdend zijn, zoals de zogenaamde Euregio.

Regionaal stimuleringsbeleid

Een regionaal stimuleringsbeleid heeft tot doel via financiŽle injecties een gebied weer aantrekkelijk te maken als vestigingsplaats voor bedrijven. Dit kan door het geven van premies aan bedrijven en door het verbeteren van de infrastructuur.

Regionaal verzorgend

Een bedrijf is regionaal verzorgend als de klanten allemaal komen uit het gebied direkt rond het bedrijf. Ze komen er dus niet voor vanuit het hele land.

Regressie

Tijdens een regressiefase neemt de invloed van de zee in het kustgebied af. Langs de kust kan dan op grote schaal veen ontstaan.

Reikwijdte

De maximale afstand die mensen willen afleggen om van een bepaalde dienst gebruik te maken. Verder dan die afstand willen ze er niet voor afleggen.

Relatieve zeespiegelstijging

Wij hebben in Nederland op dit moment te maken met een relatieve zeespiegelstijging. Door het afsmelten van de Noord- en Zuidpool stijgt aan de ene kant de zee terwijl tegelijkertijd het land daalt.

Renovatie

Het opknappen van huizen in oude wijken. Vaak worden de sanitaire voorzieningen aangepast aan de wensen van deze tijd, soms worden woningen vergroot, kozijnen vervangen, enz.

Re-urbanisatie

Het opnieuw trekken naar de stad, van mensen die eerder de stad waren uitgetrokken. Dit is een ontwikkeling van de laatste 15 jaar.

rom-gebieden

ROM-gebieden zijn gebieden waar bij de inrichting of herinrichting rekening wordt gehouden met aspecten van ruimtelijke ordening en vooral milieu-aspecten. Zie ook NMP.

Ruimtelijk Beleid

De plannen van de overheid voor het gewenste huidige en toekomstige gebruik van de ruimte in Nederland.

Ruimtelijke Geleding

Bij de ruimtelijke geleding gaat het om deelgebieden in de stad die gedomineerd (overheerst) worden door een bepaalde functie, bijv. het is een stadscentrum, woonwijk, recreatiegebied of industrieterrein.

ruimtelijke ongelijkheid

Alle verschillen die er bestaan tussen twee gebieden.

Ruimtelijke ordening

Ruimtelijke ordening noemt men ook wel planologie. Het houdt zich bezig met de inrichting van de ruimte. De verschillende overheden maken plannen voor heel Nederland of de provincie of de gemeente. Hierin staat wat men van plan is op het gebied van woningen, bedrijven, landbouw of natuurgebieden.

Terug naar de Index

- S -

Saalien

Voorlaatste ijstijd. Duurde van 200.000 tot 130.000 jaar geleden. In deze periode werd het noorden van Nederland tot aan Nijmegen met het landijs bedekt.

Sanering

Vorm van stadsvernieuwing waarbij huizen of een fabriek worden afgebroken en er iets nieuws, meestal huizen, voor in de plaats komt.

Schaalvergroting

Verschijnsel waarbij iets steeds groter wordt. Na de Tweede Wereldoorlog werden winkelcentra steeds groter, maar ook in de kantorenontwikkeling is een schaalvergroting waar te nemen.

Secundaire sector

Sector van de beroepsbevolking. Letterlijk tweede sector. Hiertoe behoort de industrie.

Slotenpatroon

Hoe de sloten ten opzichte van elkaar liggen. In de Hollandse veengebieden zijn ze lang en liggen ze evenwijdig naast elkaar.

Sneeuwbaleffect

Ook wel agglomeratie-effect. Het ene bedrijf trekt het andere aan, waardoor in een bepaald gebied een samenballing komt van bedrijven en/of mensen. Het wordt opgestart door de vestiging van groei-sectoren, grote bedrijven en vaak basisindustrie

Sneltram

Een voorbeeld van openbaar vervoer dat sneller rijdt dan een tram, maar minder op een trein lijkt dan een metro. Te vinden in twee plaatsen. Hij rijdt tussen Amsterdam en Amstelveen en tussen Utrecht en Nieuwegein/Ijsselstein.

Spaarbekken

Grote opslagplaats voor zoet water in de Biesbosch voor de drinkwatervoorziening. Hier kan men drinkwater uit maken, ook als tijdelijk de kwaliteit van het Maaswater niet goed is.

Specialisatie

Het zich geheel richten van een bedrijf op een bezigheid, waarin het bedrijf heel goed is. Hiervoor is meestal veel specifieke kennis nodig.

Speculanten

Mensen die huizen of stukken grond opkopen met het doel deze later door te verkopen met een zo groot mogelijke winst. Ze denken vaak niet aan de wensen van de mensen die in zo'n gebied wonen.

Spreidingsbeleid

Het beleid van de overheid dat zich richt op de spreiding van mensen en activiteiten (werk) over het hele land.

Springvloed

Extra hoge vloed, die twee keer per maand voorkomt.

Stad

Een samenbundeling van mensen, activiteiten, infrastructuur en bebouwing op een bepaalde plaats.

Stadscentrum

Het centrale deel van een kernstad dat een sterke concentratie van diensten kent.

Stadsdeelwinkelcentrum

Een stadsdeelwinkelcentrum is een zeer groot winkelcentrum, bedoeld voor meerdere wijken, waar je naast de dagelijkse ook de niet dagelijkse boodschappen kunt doen.

Stadsgewest

Een grote stad of agglomeratie met de daar omheen liggende suburbane kernen die veel contacten onderhouden met de centrale stad. De mensen werken, winkelen er of gaan er naar school. Amsterdam, Utrecht, Den Haag en Rotterdam vormen ieder het centrum van een stadsgewest.

Stadsvernieuwing

Het opknappen van oude stadswijken. Soms worden huizen afgebroken en komen er nieuwe sanering, soms worden de huizen opgeknapt renovatie. Naast de huizen worden ook de voorzieningen en het uiterlijk van de wijk aangepakt. Het accent ligt steeds op het verbeteren van het wonen.

Stagnatie

Het stoppen van de groei. Rond 1676 was het afgelopen met de groei van Amsterdam en andere steden de groei stagneerde. Dit was het einde van de Gouden Eeuw. Ook deze eeuw hebben periodes van economische stagnatie gehad, in de jaren '30 en de jaren '80.

Stapelhaven

Een havenplaats waar veel goederen worden aangevoerd. Deze goederen worden opgeslagen (gestapeld) in pakhuizen. Van hieruit worden de goederen door verkocht en -gevoerd.

Stationsbuurten

Gebieden, vlak bij een station, die de laatste jaren erg in trek zijn bij kantoren. In de meeste steden zag je in de jaren '70 en '80 grote kantorencomplexen verschijnen. Voorbeelden hiervan zijn Hoog Catharijne in Utrecht en Babylon in Den Haag.

Stedelijk Beleid

Beleid van de overheid dat gericht is op de organisatie van stedelijke gebieden. Voorbeelden zijn groeikernen, stadsvernieuwing, compacte stad.

stedelijk knooppunt

Stedelijke knooppunten zijn grotere stedelijke gemeenten (b.v. Eindhoven, Breda, Arnhem) die in de Vierde Nota RO hiertoe werden aangewezen. Zij kregen extra geld om de bedrijfsterreinen, de bereikbaarheid, enz. te verbeteren. Het was mede bedoeld om de internationale concurrentie met andere steden in de Randstad en Europa beter aan te kunnen. Zie Grote Bosatlas 51e: kaart 55B

Stedelijk Knooppunt

Stedelijke Knooppunten zijn grote steden die zijn aangewezen in de Vierde Nota Ruimtelijke Ordening. Het zijn steden met of veel internationale contacten of liggend bij de landsgrenzen of belangrijk voor de directe omgeving. Deze steden krijgen van de rijksoverheid een extra financiŽle ondersteuning om hun positie te verstevigen.

stedelijke zone

Een functioneel samenhangend geheel van steden in een bepaald gebied.

Stedelijke zone

Een aantal stadsgewesten die onderling veel contacten hebben, en vaak taken hebben verdeeld. Voorbeeld is de Randstad waarbinnen je de stadsgewesten Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht kunt onderscheiden.

Sterftecijfer

Het aantal mensen van een totaal dat in een gebied komt te overlijden, per 1000 personen. Dit wordt uitgedrukt in aantal promilles.

Sterfteoverschot

Als in een gebied meer mensen komen te overlijden dan er geboren worden, spreken we van een sterfteoverschot.

Stortbergen

Grote bergen afvalsteen, afkomstig uit de mijnen. Er kwam met de steenkool altijd een hoop waardeloos gesteente mee omhoog. Dit werd gestort op enorme uitzicht verstorende bergen. Later zijn veel van deze bergen afgegraven. Anderen zijn in gebruik als skihelling of bosgebied.

Streekplan

Een plan voor de inrichting van een gebied in een bepaalde provincie. Opgesteld door het provinciale bestuur. Hierin staan de hoofdlijnen van de gewenste ontwikkeling van het gebied.

Structuurplan

Een plan van de gemeente, waarin het gewenste toekomstige gebruik en de in richting van de ruimte in de gemeente is aangegeven. Het is algemener dan een bestemmingsplan.

Structuurschets

De Nederlandse overheid maakt structuurschetsen om plannen en verwachtingen ten aanzien van bepaalde ontwikkelingen in de Ruimtelijke Ordening in de openbaarheid te brengen.

Stukgoederen

Goederen die in dozen, zakken of balen zijn verpakt. Dit type vervoer komt steeds minder voor tegenwoordig. Steeds meer goederen worden in een container vervoerd.

Subsidie

Een geldbedrag dat de overheid geeft aan iemand of een bedrijf om hem of haar te lokken of te helpen iets te bereiken. Zonder deze subsidie zou een bedrijf zich misschien op een bepaalde plek niet gevestigd hebben.

Suburbane kernen

Dorpen rond een stad die veel contacten onderhouden met die stad.

Suburbanisatie

Trek van de mensen (de suburbanisanten) uit de stad. Ze vestigen zich in dorpen, niet al te ver van de stad omdat ze daar ruimer kunnen wonen, geen last hebben van geluidsoverlast, criminaliteit. Ze hebben daar meer ruimte voor hun kinderen, enz. Tegenovergestelde = urbanisatie.

Terug naar de Index

- T -

Tertiaire sector

Sector van de beroepsbevolking. Letterlijk, derde sector. Hiertoe behoren de diensten, de handel en het verkeer.

Toeleverancier

Bedrijf dat goederen levert aan een ander bedrijf. Voorbeeld is een hoogoven dat rollen staal levert aan een autofabriek, of een slager die vlees levert aan cateringbedrijf dat op zijn beurt weer diensten levert aan een groot ander bedrijf.

Trafieken

Bedrijven die aangevoerde producten verwerken. Denk hierbij aan Duyvis (pinda's), Bruynzeel (tropisch hout), Verkade (cacao), enz.

Transgressie

Een periode waarin de invloed van de zee in een kustgebied toeneemt. Er wordt dan zand en klei afgezet.

Trekschuit

Een boot die wordt voortgetrokken door een paard of soms ook een mens. Die loopt over een jaagpaden trekt de boot aan een touw.

Tuindorp

Stadsuitbreiding volgens een plan, waarbij in de woonwijk geen industrie meer werd geplaatst. Verder is er veel groen in de wijk aanwezig, wat voor 1920 zelden gebeurde.

Terug naar de Index

- U -

Uitleggen van stad

Als een stad wordt uitgelegd, dan wordt die stad uitgebreid buiten de stadsmuur. Om de nieuwbouw kwam dan een nieuwe gracht met muur of wal. Deze term past bij de 17e eeuw tot aan ongeveer 1850 in Nederland.

Uitschuivende stad

Een uitschuivende stad is een verschijnsel waarbij een stad in de periode van ongeveer 1920 tot 1950 steeds verder uitbreid. Hierdoor worden de vlak bij de stad liggende dorpen opgeslokt en tot een wijk van deze stad.

Uitschuiving

Ook wel city-vorming. De woonfunctie van het centrum van de stad, de city, verdwijnt naar omliggende nieuwe wijken en wordt vervolgens ingenomen door diensten (kantoren en winkels). In algemenere zin betekent het het verschuiven van een functie in een bepaalde richting. Zo is de Rotterdamse haven in de loop der tijd steeds meer in de richting van de Noordzee verschoven.

Urbanisatie

Een migratiebeweging van bewoners van het platteland naar de stad. Het tegenovergestelde is suburbanisatie. Ook wel concentratieproces.

Urbanisatiegraad

Het percentage van de bevolking van een land, dat in stedelijke nederzettingen woont.

Terug naar de Index

- V -

V.A.M.

Grootste compostbedrijf in Nederland. Hier wordt huisvuil gescheiden in metalen, plastic en biologisch afval.

Veenpolder

Als een veengebied onder invloed van inklinking zover is gezakt dat het onder water dreigt te lopen, is het tijd om een dijk rond het gebied te leggen en te zorgen voor een goede afwatering. Een veenpolder ontstaat zo.

Verdichtingsnieuwbouw

Bij de verdichtingsnieuwbouw worden alle open plekken in een stad volgebouwd. Ook worden oude gebouwen opgeknapt of vervangen. Men noemt dit ook wel de compacte-stad-filosofie. Het is een verandering in het denken vanaf de begin jaren '80.

Verdringing

Bij verdringing duwt iets, iets anders weg. Bij city-vorming verdwijnt de woonfunctie uit het centrum, en wordt vervolgens de vrijgekomen ruimte door kantoren ingenomen.

Vergrijzing

Het percentage mensen met een leeftijd van boven de 65 jaar neemt toe ten opzichte van de andere leeftijdsgroepen.

Verkeersdoorbraken

Verkeersdoorbraken zijn grote ingrepen in het centrum van een stad om de verkeersafwikkeling beter te laten verlopen. Hiervoor worden soms grachten gedempt, huizen afgebroken, enz.

Verkeersligging

Hoe een bepaald gebied ligt ten opzichte van andere gebieden. Je kijkt dan of het beschikt over goede wegen, waterwegen, spoorlijnen of een vliegveld. Rotterdam heeft bijvoorbeeld een gunstige verkeersligging ten opzichte van het Ruhrgebied.

Verpaupering

Het verslechteren van de woonsituatie in de oude woonwijken. Steeds meer huizen verkrotten, er wordt niets meer aan herstel gedaan. Mensen met een wat hoger inkomen verdwijnen.

Versnippering

Een grote groep verdeelt zich over heel veel kleinere groepen. Tijdens de tweede suburbanisatiefase na 1961 gingen mensen uit de stad weg, maar ze trokken allemaal naar andere dorpen en kleine steden. Met het groeikernenbeleid probeerde de overheid deze versnippering tegen te gaan.

Verstedelijking

Een toenemende bevolkingsconcentratie, waarbij het aantal steden groeit en een steeds groter deel van de bevolking in steden woont.

Verstedelijkingsgraad

Ander woord voor verstedelijkingsgraad is de urbanisatiegraad. Het geeft aan hoeveel % van een bepaald gebied in stedelijke nederzettingen woont.

Verstedelijkingsnota

De Verstedelijkingsnota kwam uit in 1976. Uitgegeven door de Nederlandseoverheid. Hierin werd op basis van prognoses (voorspellingen) vooruit gekeken. Men beschreef daarin wat er de daarop volgende jaren moest gebeuren bijv. op het gebied van de huisvesting.

Vertrekoverschot

Als uit een gebied meer mensen vertrekken dan zich in dat gebied vestigen, spreken we van een vertrekoverschot.

Verval

Het minder worden. Als een bedrijfstak ik verval verkeert gaat het erg slecht ermee. Er worden mensen ontslagen en diverse bedrijven gaan failliet.

Verzorgingsgebied

Een gebied dat voor de voorzieningen op een bepaalde stad is aangewezen. Het kan ook gezien worden als het gebied tot waar mensen naar een bepaalde voorziening toereizen.

Vestigingsplaats

Een plek waar mensen zijn gaan wonen. Een permanente vestigingsplaats wordt nederzetting genoemd.

Villawijk

Rijke buurt, net buiten het centrum, langs de invalswegen van de stad. Hiertrokken de rijken van de stad heen. Een goed voorbeeld in Groningen is de Hereweg, waar tientallen kolossale villa's staan. De Wijert-Zuid is een voorbeeld van een moderne villabuurt. In de volksmond heten deze wijken vaak 'De Goudkust'.

Visuele vervuiling

Bij visuele vervuiling gaat het niet om tastbare vervuiling maar om iets waar je tegenaan moet kijken, bijvoorbeeld een fabriek of een hoogspanningsmast.

Vloerkleedprincipe

Het vloerkleedprincipe is een methode van 'afval-verwerking' waarbij men het afval stort en er vervolgens een laag zand overheen brengt. Daar maakt men dan bijvoorbeeld weer een sportveld op. Hierbij kunnen problemen ontstaan door bodemvervuiling. Het in betonnen vaten dumpen van afval is zee is een ander voorbeeld.

Vuilverbranding

Huisvuil wordt verbrand omdat er geen ruimte is om het te storten. Deze methode wordt vooral in de Randstad toegepast.

Terug naar de Index

- W -

Waterschap

Organisatie die de gemeenschappelijke waterbeheersing van een gebied tot zijn verantwoording heeft. Het zorgt voor de molens, de boezems, enz

waterscheiding

De grens tussen twee stroomgebieden. Meestal bestaat de waterscheiding uit een rij bergen of heuvels.

Weichselien

De laatste ijstijd die Nederland heeft gekend. Nederland werd niet door het ijs bedekt maar had te maken met grote stofstormen die op grote schaal dekzand en lŲss heeft neergelegd op de oudere grondlagen.

Welvaart

Het kunnen beschikken over voldoende financiŽle middelen om de eigen behoeftes te kunnen vervullen.

Wijkwinkelcentrum

In nieuw gebouwde wijken na de Tweede Wereldoorlog werd in de wijk ook een winkelcentrum gebouwd voor de dagelijkse boodschappen.

Witte Boordenstad

In een witte boordenstad werken naar verhouding veel mensen in een kantoor. Het zijn mensen die herkenbaar zijn aan hun nette pak met stropdas. Uiteraard gaat het hier om een generalisatie.

Woningbezetting

Het aantal mensen dat gemiddeld in een woning woont. Door verschillende oorzaken wonen er tegenwoordig minder mensen in een woning dan bijvoorbeeld voor de Tweede Wereldoorlog.

Woningdichtheid

Het aantal woningen per vierkante kilometer.

Woningwet

Wet uit 1921 die bepaalde dat stadsuitbreidingen alleen nog maar mochten plaatsvinden volgens plannen, die door het gemeentebestuur waren goedgekeurd.

Woonwensen

Wensen die mensen hebben ten aanzien van hun woning en de directe omgeving ervan. Men wil nu vaak een tuin, grote badkamer, meerdere slaapkamers, gezellige omgeving, winkels in de buurt, enz.

Terug naar de Index

- X -

Terug naar de Index

- Y -

Terug naar de Index

- Z -

Zeehavenindustrie

Een industrie die sterk gebonden is aan diep vaarwater zoals in de Rijnmond (bij Rotterdam) en Ijmond (bij Amsterdam). Voorbeelden, aardolieindustrie en scheepsbouw.

zelfvoorzienend

Mensen die in alle opzichten voor hun eigen producten zorgen. Er is dus geen handel met andere gebieden. Als deze mensen aan landbouw doen, wordt dat zelfvoorzienende landbouw genoemd.

Zuidplaspolder

Droogmakerij nabij Gouda. Drooggemalen in 1839 met behulp van stoomgemalen.

Zuidvleugel

De Randstad bestaat uit twee stedelijke zones de Noord- en de Zuidvleugel. Tot deze zuidvleugel behoren o.a. Delft, Den Haag, Rotterdam en Dordrecht.

Zuigelingensterfte

Droogmakerij nabij Gouda. Drooggemalen in 1839 met behulp van stoomgemalen.

Terug naar de Index

Terug naar menu